Mila: “Waarom ik echt niet hou van dit dure huis…”

16/09/2020

Gisterenavond zijn we gaan eten bij een verre neef van mijn man. Onderweg vertelde hij mij hoe mooi hun huis is. Een chique wijk, een immense vrijstaande villa, een tuin met bomen en een zwembad. Ik hoorde hem mij elk perceel, elke m² van hun huis verkopen. Ik was benieuwd om het te zien.

Het einde van een straat. Een witte elektrische poort. En daar, lager gelegen, een huis. Ik keek naar mijn man. “Is dat het?” “Dat is het!”. Het is gek hoe de intonatie in een zin die gemaakt is uit dezelfde woorden kan verschillen van betekenis.

Om te beginnen moet je al erg goed zijn aan het stuur om in één keer door de poort te rijden. De bocht was zo scherp dat ik drie keer opnieuw zou moeten proberen om er binnen te kunnen rijden. Een ééns die proef achter de rug, kwamen we uit op een geplaveide heuvel waarvan de dalingsgraad me hoogtevrees gaf. Vervolgens reden we langs de rechterkant van hun huis naar beneden via een lange, zeer lange heuvel die leidde naar hun parking achteraan.

Neen, niets voor mij…

Na driekwart van de heuvel afgelegd te hebben, moest ik al niets meer hebben van hun huis. Niet dat ze het mij voorstelden als erfenis, maar ik en mijn echtgenoot spelen vaak met het idee. We gaan op wandel en kiezen de huizen waarin we ons zouden zien wonen. En voor dit huis was dat voor mijn part allesbehalve het geval.

Om het geheel compleet te maken, eindigden de stenen vlak aan hun zwembad. Zelfs niet het kleinste muurtje of een struik om het einde van de heuvel te scheiden van het zwembad. Anders gezegd: met een beetje afleiding of pech, riskeert je met de auto een duik te maken en op de bodem van het zwembad te belanden. Ik was nog niet uitgestapt of ik had de villa al geschrapt van de lijst van mogelijke huizen. Nooit van zijn leven!

Ik was definitief gedegouteerd toen we die verschrikkelijke helling opnieuw moesten beklimmen om bij de inkomdeur te komen. Op naaldhakken en met de handen vol heb ik gevloekt tijdens de beklimming. Ik was zo voorovergebogen dat ik bijna met mijn neus in de slagroom van mijn taart zat. Perplex. Hoe kon mijn geliefde ook maar één minuut geloven dat dit huis me zou aanstaan?

Ik heb een eenvoudige smaak…

Mijn droomhuis ligt niet in een chique wijk, zoveel is zeker. Het heeft geen zwembad, noch een parktuin rondom. Maar wanneer ik thuis kom, parkeer ik mij verdomme simpelweg vooraan, zonder het minste manoeuvre. Ik zou twee meter moeten stappen om mijn sleutel in het sleutelgat te steken. En bij ijzel of sneeuw loop ik niet het risico om over een 16 meter lange heuvel te schuiven, noch om bevroren te sterven op de bodem van een zwembad. En dat, ondanks wat anderen zouden kunnen beweren, is zijn gewicht in goud waard.


Terug naar het nieuwsoverzicht