Is koken minder duur dan op restaurant gaan?

11/06/2021

Iedereen zal het je zeggen: het kost minder om zelf te koken dan om op restaurant te gaan of eten te bestellen. Maar is dat echt zo?

Met de opeenvolgende lockdowns hebben heel wat mensen koken, brood bakken of de kunst van patisserie herontdekt. Een goede zaak voor je portemonnee?

";30 minuten in de oven op 200°C, 10 minuten in kokend water, 6 minuten in de microgolfoven op maximumvermogen, het maakt allemaal deel uit van ons dagelijkse leven en het heeft zijn prijs! Onze huishoudelijke apparaten verbruiken immers energie, vaak in niet te verwaarlozen hoeveelheden.

Gas of elektriciteit, wie wint?

In ons land is aardgas als energiebron vier keer goedkoper dan elektriciteit. Dat betekent dat het een groot voordeel biedt bij gebruik in de keuken. Bovendien is een gasfornuis over het algemeen veel goedkoper dan een inductiekookplaat. Je vindt een fornuis met vier pitten voor ongeveer € 150. Voor een basisinductiekookplaat moet je daarentegen € 100 extra betalen.

Maar dit alles moet in perspectief worden geplaatst. Dankzij de uitzonderlijke opwarmsnelheid is inductie de winnaar qua rendement en verbruik. Deze technologie brengt 90% van de energie over op de pan, vergeleken met slechts 60% voor gas. Tenslotte kun je met inductie op een hogere temperatuur koken dan met gas, maar ook warm houden zonder te koken. Deze technologie vereist echter de aanschaf van compatibele potten en pannen.

Hoe bereken je de kost van het koken?

Wil je weten hoeveel je kip braden of je brood bakken kost? Niets is gemakkelijker! Vermenigvuldig gewoon de kooktijd in uren met het vermogen van het apparaat in kW, en vervolgens met het elektriciteitstarief in €/kWh (dus € 0.25).

Bijvoorbeeld: je oven heeft een verbruik van 2.400 W (2,4 kW) en je kip is in 45 minuten gaar. De berekening is dan: 2,4 kW x 0,75 u x € 0,25 = € 0,45. Een ander voorbeeld: pasta koken op een inductiekookplaat van 2.000 W gedurende 10 minuten: 2 kW x 0,16 u x € 0,25 = € 0,08.

Maar bedenk wel dat dit maximumwaarden zijn. In werkelijkheid werken onze elektrische apparaten maar een beperkte tijd op vol vermogen, d.w.z. tot ze de gewenste temperatuur bereiken. Daarna houden ze gewoon de temperatuur op peil.