Wat als de huurder bij het einde van de opzeg niet vertrekt?

3/01/2017

Een verhuurder beëindigt de huurovereenkomst met naleving van een opzegtermijn. Bij het einde daarvan blijkt de huurder niet geneigd te zijn te vertrekken. Wat kan de verhuurder dan doen?

De huurder moet ervoor zorgen dat hij de woning verlaat tegen het einde van de opzeg. Als hij dat niet doet kan de verhuurder hem niet ‘met geweld’ buitenzetten. Wat moet hij dan wel doen?

Naar de vrederechter

Als de verhuurder de huur correct opzegde en de huurder niet wil vertrekken, kan de verhuurder naar de vrederechter stappen. Hij kan daar een vordering tot uithuiszetting aanhangig maken. Als hij dat vonnis krijgt, kan hij hiermee de huurder uit zijn woning laten zetten. Wacht hier als verhuurder niet te lang mee. Als de huurder op de einddatum van het contract niet vertrekt, is het belangrijk zo snel als mogelijk de procedure op te starten.

Wie betaalt de kosten? 

De verhuurder die de procedure start zal de kosten daarvan moeten voorschieten. De verhuurder moet ook de kosten van de advocaat die hij eventueel raadpleegt betalen. Als de verhuurder uiteindelijk gelijk krijgt zal de huurder de gerechtskosten moeten terugbetalen alsook een forfaitaire vergoeding voor de kosten van de advocaat (de zogenaamde rechtsplegingsvergoeding).

Bezettingsvergoeding

Voor de periode dat de huurder te lang in de huurwoonst blijft kan de verhuurder een zogenaamde bezettingsvergoeding vragen. Daarnaast zijn er ook eventuele andere vorderingen en aanspraken mogelijk. Je advocaat kan je hieromtrent adviseren.

Tekst: Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)