Dit gebeurt er met een aannemingsovereenkomst als je uiteen gaat met je partner

24/06/2020 - partner: Immovlan.be

Als je relatie eindigt tijdens het bouwen of verbouwen van een huis, wil je misschien wel een einde maken aan het contract dat je afsloot met je aannemer. Maar kan dat wel en moet je die dan een schadevergoeding betalen?

Als je samen met je echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner een huis aan het bouwen of verbouwen bent en er aan je relatie een einde komt, wil je het bouwproject misschien wel stopzetten. Je hebt dan immers vaak niet meer het budget om het project af te werken. Maar eindigt de samenwerking met je aannemer dan automatisch?

Het contract loopt verder

Het feit dat je uiteengaat met je partner doet het contract dat je met je aannemer afsloot niet automatisch eindigen, tenzij je andere afspraken zou hebben gemaakt (wat nagenoeg nooit het geval is). Dit geldt zelfs als je samen met je partner dat contract afsloot.  De aannemer kan dan ook vragen dat hij de werken zonder meer verder kan uitvoeren.

Wat natuurlijk wel altijd kan is dat je in onderling akkoord met je aannemer een einde maakt aan het contract. Weet wel dat de aannemer in ruil hiervoor wel eens een schadevergoeding van jullie zou kunnen vragen.

En als je het toch stopzet?

Als bouwheer kan je een contract met een aannemer altijd stopzetten mits je aan de aannemer een schadevergoeding betaalt. Meer bepaald moet je die dan vergoeden voor het reeds uitgevoerde werk en de gederfde winst.

In het aannemingscontract dat je afsloot of in de algemene voorwaarden van de aannemer kan een vergoeding overeengekomen worden die je moet betalen als je de overeenkomst beëindigt. Dat is dan veelal een percentage van de aannemingsprijs. Als die vergoeding niet overdreven is, zal zo’n clausule vaak ook geldig zijn.

Als één verder wil

Het kan ook zijn dat één van jullie beide het contract wil verder zetten. Je kan dan vragen aan de aannemer om de andere partner niet langer gebonden te laten zijn door de overeenkomst. Weet dat de aannemer niet verplicht is om op zo’n vraag in te gaan.

Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)