Advies: Huren

Kosten van wederverhuur: ten laste van de huurder?

Als een huurder een einde maakt aan een huurcontract brengt dat een aantal kosten mee voor de verhuurder (kosten van een vastgoedmakelaar, enz.). Wie betaalt deze kosten?

 

 

In woninghuurcontracten staat wel eens een bepaling dat een huurder die de huur opzegt de kosten van de wederverhuring van het huurpand door een makelaar moet betalen. Maar is zo’n clausule wel geldig?

 

De verhuurder betaalt

Het feit dat de verhuurder kosten heeft om een woning opnieuw te verhuren is niet de zaak van de huurder. Die is dus niet gehouden deze kosten te betalen, ook al is het de huurder die de huurovereenkomst opzegt.

 

Andere afspraken?

In het huurcontract kunnen geen andere afspraken worden gemaakt. Een huurder en verhuurder kunnen in de huurovereenkomst dus niet overeenkomen dat de huurder de kosten van de wederverhuur toch op zich zal nemen. Staat er zo’n bepaling in het huurcontract, dan is die nu eenmaal niet geldig.

 

Soms wel een beëindigingsvergoeding

Beëindigt een huurder een negenjarig huurcontract in de eerste drie jaar van de huur, dan is deze wel een vergoeding verschuldigd aan de verhuurder. Deze bedraagt drie, twee of één maand(en) huur, naargelang de huurder vertrekt in de loop van het eerste, tweede of derde jaar. Wat dan natuurlijk wel kan is dat de verhuurder vervolgens deze vergoeding gebruikt om de kosten van de vastgoedmakelaar die hij gelast om de woning opnieuw te verhuren te betalen.

 

door Jan Roodhooft, advocaat (www.ra-advocaten.be)