Nieuws – Een voorbeeld ter illustratie van het begrip eigen woning en voorwaarden woonbonus

26/05/2015 – Immovlan.be

We hebben reeds het begrip ‘eigen’ woning toegelicht in vorige artikels. Zo weet men dat de ‘eigen’ woning meestal de woning zal zijn die men zelf betrekt. In sommige gevallen kan men echter de ‘eigen’ woning niet zelf betrekken, bijvoorbeeld voor beroepsredenen of redenen van sociale aard. De woning wordt dan toch beschouwd als ‘eigen’ woning.

Verder is het onderscheid ‘eigen’ en ‘niet eigen’ woning van belang om te weten of het fiscaal voordeel voor de lening gewestelijk dan wel federaal is. Zoals geweten zijn de Gewesten nu exclusief bevoegd voor de ‘eigen’ woning.

Belangrijk om te weten is dat de beoordeling of een woning al dan niet de ‘eigen’ woning is, van dag tot dag gebeurt.

Voor de meeste mensen die geen verhuis achter de rug hebben in 2014 zal de aangifte relatief hetzelfde blijven. Zo zal een koppel die voorheen van de woonbonus genoot voor de lening op hun enige en eigen woning nog steeds kunnen genieten van hetzelfde fiscaal voordeel, weliswaar onder de vorm van een belastingvermindering, en op voorwaarde natuurlijk dat het nog steeds hun ‘eigen’ woning is.

Hetgeen wel verandert, zijn de codes van de aangifte waar ze de interesten, kapitaalaflossingen en levensverzekeringspremies moeten aangeven. Hun ‘eigen’ woning zal voortaan immers genieten van de gewestelijke woonbonus die moet aangegeven worden in Vak IX, rubriek B , 1 en 2, codes 3370/ 4370 en 3371/4371 en niet meer in de codes 1370/2370 en 1371/2371 die nu gelden voor de federale woonbonus (rubriek C).

Het wordt wel een beetje ingewikkelder indien u van plan bent te verhuizen. Hierna volgt een voorbeeld ter illustratie :

Stefanie en Tim zijn tot 31/05/2014 eigenaar van Woning 1 die kan beschouwd worden als hun ‘eigen’ woning.  Op 1/03/2014 kopen ze Woning 2 aan (met kadastraal inkomen KI = 1.500 €). Deze woning zullen ze echter pas betrekken op 01/02/2015.  Woning 2 kan beschouwd worden als ‘eigen’ woning vanaf 01/06/2014.  Ze sloten reeds in 2014 een hypothecaire lening af ten belope van 200.000 € met een kapitaalaflossing van 9.000 € die als volgt kan opgesplitst worden : 3.700 € tot 31/05 en 5.300 € vanaf 01/06. De interesten ten belope van 6.000 €, opgesplitst 2.500 € tot 31/05 en 3.500 € vanaf 01/06.  Aangezien het begrip ‘eigen’ woning en het daarbij horende fiscaal voordeel van dag tot dag moeten beoordeeld worden, zal een opsplitsing van de betalingen noodzakelijk zijn.

De aangifte moet als volgt :

  • Het KI van Woning 2 moet pro rata worden aangegeven in code 1106/2106, aangezien het niet de ‘eigen’ woning is van 01/03 tot 31/05. D.w.z. 1.500 € x (31 + 30 + 31 = 92)/365 = 378 €.
  • Wat betreft de belastingverminderingen voor de betalingen van de lening :
    • Kapitaalaflossingen tot 31/05 (‘niet eigen’ woning) komen in aanmerking voor het federale lange termijnsparen, code 1358/2358 = 3.700 x 75.270/200.000 = 1.392,49 €;
    • De interesten tot 31/05 zijn federaal aftrekbaar in code 1146/2146 = 2.500 €;
    • Kapitaalaflossingen en interesten vanaf 01/06 (‘eigen’ woning) komen in aanmerking voor de gewestelijke woonbonus, aan te geven in code 3370/4370.
      De kapitaalaflossingen ten belope van 5.300 € en de interesten ten belope van 3.500 €, dit is 8.800 € steeds te beperken tot 2 x 3.040 € (maximale woonbonus).
      Opgelet, aangezien ze genieten van de maximale woonbonus is er geen voordeel meer voor het federaal lange termijnsparen.

Tenslotte vermeldt men dat, om te genieten van het fiscaal regime van de woonbonus, de woning op 31/12 van het jaar van de lening ook de enige woning van de kredietnemer moet zijn. In voorgaand voorbeeld verkopen ze hun eerste woning op 31/05/2014, hetgeen ervoor zorgt dat de nieuwe lening kan genieten van de woonbonus.

De wet voorziet echter een paar uitzonderingen. Er wordt nl. geen rekening gehouden met een andere woning die op 31/12 van het jaar van de lening op de vastgoedmarkt te koop is aangeboden.

Dat zal het geval zijn indien de belastingplichtige kan aantonen dat hij een beroep heeft gedaan op een vastgoedmakelaar (die deze woning effectief te koop heeft gesteld) of indien hij een advertentie heeft geplaatst.

Let wel dat indien de desbetreffende woning op 31/12 van het jaar volgend op het jaar van de lening niet daadwerkelijk is vervreemd, de gewestelijke woonbonus nooit meer kan worden verleend en men terug zal vallen op de federale belastingvermindering voor het lange termijnsparen.

Bron: www.mysavings.be

Lees ook:

 

 



Terug naar het nieuwsoverzicht